Toelichting leesrooster


Hieronder treft u een toelichting aan op het leesrooster zoals dat ook in ‘De Berichten’ is verschenen.

In de Algemene Leden Vergadering is afgesproken dat we voortaan uitgaan van één lezing van het oecumenisch leesrooster. De voorganger en voorbereiders hebben de keus zelf eventueel een bijpassende tweede (bijbel)tekst te kiezen.

5 januari: Epifanie / Driekoningen
Jesaja 60,1-6, Psalm 72, Matteüs 2,1-12
In de geschiedenis van de kerk werd de komst van Christus aanvankelijk vooral herdacht in het feest van Epifanie. De “verschijning van de Heer” legt niet zozeer de nadruk op de geboorte van een goddelijk kind maar op het zichtbaar worden van Gods licht in Christus. Met Epifanie is dan ook onverbrekelijk het verhaal verbonden van de ster en de wijzen uit het Oosten. Over heel de wereld straalde richtingwijzend licht.

12 januari: Doop van Jezus
Jesaja 42,1-7(9), Psalm 89,20-28, Matteüs 3,13-17
Het feit dat Jezus naar Johannes toegaat om gedoopt te worden betekent dat hij zich identificeert met diens oproep: rechte wegen gaan die leiden naar de Eeuwige: “maakt zijn paden recht”. Dat blijkt ook uit Jezus’ reactie. Het zijn zijn eerste woorden, samen met de doop het begin van die weg van “totale, radicale gerechtigheid”. De vraag die hier al impliciet aan ons gesteld wordt, is of wij bereid zijn die weg mee te gaan.

19 januari: bezinningsochtend: Waar laat God zich vinden?
We laten ons op deze bezinningsochtend inspireren door Meister Eckhart (1260 – 1328). Hiermee start een serie van 4 opeenvolgende zondagen met teksten van deze mysticus.
Welmoed Vlieger gaat deze ochtend met ons op zoek naar het antwoord op de vraag: Waar laat God zich vinden?

Lees meer over de Cyclus Meister Eckhart, of in De Berichten, ook digitaal op deze site.

26 januari: Beeldloos Gij
Wie God op een bepaalde ‘wijze’ zoekt, die grijpt wel de wijze maar mist God die in de wijze verborgen is. Maar wie God zonder ‘wijze’ zoekt, die grijpt hem vast zoals hij in zichzelf is. Zo’n mens leeft met de Zoon en hij is het leven zelf.
Als je duizend jaar lang aan het leven zou vragen: ‘Waarom leef je?’ – en als het kon antwoorden, zou het niets anders zeggen dan: ‘Ik leef omdat ik leef.’ Dat komt omdat het leven uit zijn eigen grond leeft en opwelt uit zichzelf. Daarom leeft het zonder waarom, zelfs hierin dat het voor zichzelf leeft. Als je nu een waarachtig mens die werkt vanuit zijn eigen grond, zou vragen: ‘Waarom doe je je werk?’- en als hij goed zou antwoorden, zou hij niets anders zeggen dan: ‘Ik werk omdat ik werk.’
2 februari: God aannemen in alle dingen
Ik kreeg de vraag of wat sommige mensen doen het beste is, namelijk je van de mensen zoveel mogelijk terugtrekken en het liefst alleen willen zijn, daarin je vrede zoeken en veel naar de kerk gaan. Toen antwoordde ik: nee! En let op waarom. Met wie het goed is gesteld, werkelijk, is het op alle plaatsen en bij alle mensen goed gesteld. Met wie het echter verkeerd is gesteld, is het op alle plaatsen en bij alle mensen verkeerd gesteld. Met wie het goed is gesteld, die heeft God in waarheid bij zich. Wie echter God echt in waarheid bezit, die bezit Hem op alle plaatsen en op straat en bij alle mensen evenzeer als in de kerk of in de afzondering of in de kloostercel; en wanneer hij voorts God werkelijk en God alleen bezit, kan niemand hem iets in de weg leggen.
9 februari: Een gerechte mens leeft in God en God in hem
Een gerechte mens leeft in God en God in hem, want God wordt geboren in de gerechte en de gerecht in God. Daarom wordt door iedere deugd van de gerechte God geboren en hij wordt verblijd door iedere deugd van de gerechte. En niet enkel door iedere deugd, maar ook door ieder werk, hoe gering ook, dat de gerechte in de gerechtigheid verricht, wordt God verblijd, ja, door en door verblijd. Want niets blijft er in zijn grond of het wordt van blijdschap doortinteld.
Citaten uit “De Eerste Dag”
16 februari: Deuteronomium 30,15-20, Psalm 119,9-16, Matteüs 5,17-26
De gedachte dat de wet Gods goed is voor mens en samenleving, is de basis onder de lezingen van deze zondag. In het Overjordaanse brengt Mozes het volk de aanwijzingen van de Eeuwige te binnen die de weg wijzen naar een goede samenleving van vrije mensen. Hier, aan het slot, bindt hij hun op het hart de weg naar het goede leven op te gaan, niet die naar de dood, de slechte weg.
In het evangelie zegt Jezus: ”Ik ben gekomen om de wet te vervullen”.
23 februari: ZondagMorgenAnders: Thema: Aanwezigheid
26 februari: Aswoensdag: Joël 2,12-19, Psalm 57, Matteüs 6,1-6.16-21
In beide lezingen klinkt de oproep tot vasten en inkeer. Dat past niet alleen bij de indeling van het kerkelijk jaar, maar zeker ook bij de hedendaagse situaties. En dat maakt de beide lezingen bijzonder actueel.
Vroeger leerde je dat je offertjes moest brengen om de hemel te verdienen. Maar is het nu niet zo dat we dat moeten gaan doen om de aarde te verdienen? Ons consumptie- en ander gedrag zo wijzigen dat het niet ten koste gaat van de aarde en de andere levende wezens?
1 maart: Eerste zondag veertigdagentijd: Genesis 2,15 – 3,9, Psalm 51, Matteüs 4,1-11
Waar ben je? Met deze woorden eindigt de oudtestamentische lezing abrupt, veelzeggend en midden in het verhaal. Zij lenen zich als thema van deze eerste zondag ven de Veertigdagentijd. Want deze vraag doelt op veel meer dan op informatie over de verblijfplaats. Waar een mens zich bevindt, zegt iets over de weg die hij heeft afgelegd en over zijn perspectieven en mogelijkheden voor de toekomst.
8 maart: Tweede zondag van de veertigdagentijd
Exodus 24,12-18, Psalm 33,12-22, Matteüs 17,1-9
Jezus kan Jezus niet zijn als Hij niet oog in oog heeft gestaan met Mozes en Elia. Hij staat geworteld in de Wet en de Profeten. Het verhaal dat Matteüs erover geeft, staat net als bij Marcus vlak na de belijdenis van Petrus en de eerste lijdensaankondiging. Met Mozes en Elia spreekt Hij over zijn uittocht die Hij in Jeruzalem zal gaan voltrekken.
15 maart: Derde zondag van de veertigdagentijd
Exodus 17,1-7, Psalm 95, Johannes 4,1-42
In het gesprek dat zich ontspint tussen de Samaritaanse vrouw en Jezus zit een prachtige ontwikkeling. Na het ongemakkelijke begin wordt het heel persoonlijk, als Jezus meer van de vrouw blijkt te weten dan zij dacht. Jezus leidt het gesprek van het verleden naar de toekomst, waarin de verschillende tradities overstegen worden en het gezamenlijke centraal staat: het aanbidden van de Vader. Dan openbaart Hij zich aan de vrouw als de Messias, die ook in de Samaritaanse traditie verwacht wordt.
22 maart: Vierde zondag in de veertigdagentijd
1 Samuel 16,1-13, Psalm 23, Johannes 9,1-13(14-25)26-39
Johannes laat zich als verteller van zijn beste kant zien. Hij neemt de lezer(hoorder) mee in een proces met de kernbegrippen “zien” en “blind”. Dit soort teksten zijn mystagogisch, ze leiden stap voor stap in in Jezus’ ídentiteit en zijn daarom lang en voor (post)moderne oren misschien wat langdradig. Precies dat langzame tempo echter biedt ook een kans voor onthaasting en een ontmoeting met Jezus.

Cor Spithoven